20260529 Orkney

29 mei 2026 - Orkney-eilanden, Verenigd Koninkrijk

Na 36 uren varen zijn wij in Kirkwall aangeland. Dat is de hoofdstad van het grootste eiland van de Orkney archipel. De hele eilandengroep telt tachtig eilanden, waarvan er twintig zijn bewoond. Hoewel ze prat gaan op hun Scandinavische herkomst, gaat de geschiedenis nog verder terug. Eerst was er ruzie met de Picten die vanuit Schotland hun gebied wilden verruimen. Dan kwamen de Ierse monniken om de Orcadische heidenen tot het Christendom te bekeren. Daarna waren het de Vikingen. Die pakten het nogal opportunistisch aan. Tot voor kort dacht ik dat die ruwe Noormannen God noch gebod kenden. Maar hier, op de Orkney-eilanden, lieten ze zich dopen en werden ze katholiek, hoewel niet vreedzaam. Zo was er eentje met de veelzeggende bijnaam ‘de Schedelkliever’. Zijn naam leeft voor in het bier van de lokale brouwerij: ‘Skull Splitter’.

De omslag van Noors tot Schots is het mooiste verhaal. Een verhaal van bluf en belofte, dat begint bij de Noorse koning Christian die een mooie en vooral huwbare dochter had, terwijl de Schotse koning James een baarmoeder zocht om een paar zonen te kweken. Christian schonk zijn dochter aan James en beloofde een bruidsschat van ettelijke miljoenen. James, ook niet van gisteren, liet de belofte registeren en vroeg een onderpand bij niet-betaling. Christian was op zijn jeweetwel getrapt en verontwaardigd zette hij hoog in. Als hij zijn schulden niet zou aflossen, dan kreeg James niet alleen de dochter, maar ook Orkney. En voor de lol voegde hij daar nog de Shetlands bij. De rest is geschiedenis. Christian betaalde niet en James van Schotland won een fokmachine en gebied.

***

In Kirkwall is een restantje uit de geschiedenis levend gebleven. Sinds 1300 spelen ze hier het Ba-game. De laatste letters van de bal zijn verdwenen, het taaltje dat ze hier spreken klinkt als Engels met een zwaar WestVlaams accent. Dat Ba-game spelen ze twee keer per jaar, een keertje op Kerstdag, gevolgd door een herkansing op Nieuwjaarsdag. De doonies spelen tegen de uppies. De eerste wonen aan de haven, het laagste gedeelte van de stad. De andere kant van de stad ligt wat hoger en daar wonen de uppies. Tegen te middag trekken de stoerste vissers en de potigste boeren naar het dorpsplein. Precies om 13 uur gooit een lokale notabele een leren bal die met kurk is gevuld in de massa. Een paar seconden na de inworp weet niemand meer waar de bal is. Er ontstaat een scrum van honderden mannen, die de onzichtbare bal naar hun kamp willen brengen. De doonies moeten de bal in zee zien te krijgen, terwijl de uppies hem naar de weides proberen te brengen. Op een onbegrijpelijke manier eindigt het spel telkens weer met een winnaar. Op Kerstmis 1952 ontsnapte een Doonie aan de scrum en was vier minuten later in de haven. Dat was de kortste wedstrijd ooit. De langste duurde 7 uur. Toen haalden de uppies het.

Rare jongens, die Orcadiërs.

1 Reactie

  1. Karel:
    30 mei 2026
    Danke Eddy voor je prachtige verhalen met hoog Carmiggelt- en Ghijsengehalte die me soms deden monkelen, af en toe zelfs in lachen deden uitbarsten. Wanneer geef je je verhalen uit?

Jouw reactie