07 Pieterpad 2025 – etappe 7 (Sleen-Coevorden, 22 km)
10 augustus 2025 - Coevorden, Nederland
Bij het vertrek vanmorgen wees de uitbater van onze slaapplaats een korte weg aan naar het pad, maar Lieve stond erop om eerst het hele eind terug te keren tot aan de officiële startplaats aan de Sleense kerk. Dat we daardoor de dagtocht anderhalve kilometer langer maakten kon haar maar weinig schelen: ‘Zo staat het beschreven, zo gaan we het wandelen!’ Daar valt niets tegen in te brengen.
Dus vertrokken we uit Sleen zoals het hoort, langs de molen De Hoop. In Nederland zijn er zo’n driehonderd molens met die naam. Hoop op wind, hoop op welvaart, hoop op goede oogst,… redenen genoeg om die naam te gebruiken. Eenmaal uit Sleen liepen we 5 km lans de Jongebloedvaart. Die komt uit in de Hogeveensevaart. Ook die volgden we gedurende 2,5 km. Wat is er saaier dan een pad volgen dat kilometers lang langs een kanaal loopt? Precies: de terugweg langs de andere kant van het kanaal. Gelukkig bleef dat laatste ons bespaard want we zijn geenszins van plan om terug te keren. Daarna ging het tot Coevorden vooral over verharde wegen. Vlak voor ons eindpunt moesten we – jawel hoor – nog een hele lange kilometer langs het Stieltjeskanaal stiefelen vooraleer we de oude vestingen van Coevorden bereikten. Op het hele traject wandelden we dus meer dan een derde over kaarsrechte wegen langs water. Ik zocht het eens op: de saaiste etappes van het hele Pieterpad zijn die van vandaag (naar Coevorden) en van morgen (naar Hardenberg).
ondertussen lijken we een goed tempo gevonden te hebben. De eerste dag ging het vrij snel, maar nu we dagtochten van meer dan 20 km op het programma hebben, doen we het wat rustiger. De wandelstrategie is om anderhalf uur te wandelen en dan te stoppen bij het eerste vrije bankje. Dat is een risico, omdat we nooit weten waar de bankjes precies staan. Gisteren duurde het twee uur voor we een rustplaatsje vonden, vandaag hadden we geluk en kwamen we precies na anderhalf uur stappen aan een mooi plaatsje.
Coevorden dus, een vredig grensstadje dat nergens bekend om is. Of het zou moeten zijn omdat er een Plopsa indoor pretpark is. Of misschien omdat het enige kasteel van de hele provincie her staat. En in dat unieke kasteel is de receptie van ons hotel. Jammer genoeg zijn de kamers in de pakhuizen langs het kanaal en niet in het kasteel zelf. Slapen in een heus kasteel, dat zal dus voor een andere keer zijn. Maar we hebben er wél gegeten. Eerst waren we nog van plan om een kroket uit de muur te halen – dat moet je nu eenmaal doen als je in Nederland bent – maar in de Coevordse winkelstraat staat helaas geen kroketmuur. Dus veranderden we het plan en aten we in het chique restaurant van het hotel.





Ik ken dat gevoel :-) Maar er was wel compensatie met een "Kasteel diner " :-). Blijven genieten zou ik zeggen.